Producer en muzikant Roel Blommers: ‘Eindhoven Rockcity was echt een exportproduct'
Door Bob Dieleman | 21 jul 2026
Als er in Eindhoven één persoon een stille kracht in de muziekscene is, dan is het wel de bijna 42-jarige Roel Blommers die in zijn studio in POPEI op Strijp-S bands opneemt, lesgeeft aan studenten van het Rock City Institute en zelf ook nog eens gastrollen vertolkt in bands als PAUW, Anneke van Giersbergen en The Föhns. Om maar eens wat te noemen. Manusje van alles? Zeker! Luxeproblemen? Dat ook!
Maar laten we eens bij het begin beginnen. En dat is bij zijn grote vriend Dennis ‘Denvis’ Grotenhuis, beter bekend als de frontman van The Spades en talloze andere muzikale en niet-muzikale ondernemingen. Op het moment van het interview zitten de twee samen in Blommers’ studio te werken aan niet één, maar zelfs twee projecten.
“No way, ik ga never nooit in die band van jou spelen”
“We hebben hier bewust tijd voor gemaakt, anders komt het er nooit van met mijn drukke agenda”, bekent Blommers. “Je moet echt een paar dagen blokken om vooruit te komen en ideeën te selecteren en uit te werken. We zijn bezig met een nieuwe plaat van The Föhns, maar ook met The HelloWeeners, een project dat we elk jaar doen met andere muzikanten.”

Blommers en Grotenhuis - die ondertussen is vertrokken - zijn al 20 jaar vrienden en muzikale compagnons, maar dat stond niet bepaald in de sterren geschreven. Rewind naar 2006: “Nee, het was zeker niet logisch dat er deze vriendschap uit zou rollen. Dik twintig jaar geleden speelde ik ergens met m’n band Duke Resurrection een show waar ook Dennis’ met The Spades speelde. Ik vond dat zo’n branieschoppers. Hij zei: 'Over een paar jaar speel jij bij mij in de band'. Maar ik zei: ‘No way, ik ga never nooit in die band van jou spelen.’”
Okay, dus de eerste kennismaking had ook de laatste kunnen zijn? “Zeker, zeker. Maar supertoevallig reed ik een tijdje later naar Eindhoven om snaren te kopen, aangezien dat in mijn geboortedorp Someren nogal lastig was. Toen ik door Geldrop reed, zag ik een lifter. Het was Dennis en ik nam hem mee. Rond die tijd kwamen er toevallig nieuwe mensen in The Spades spelen en schoof het van die vuige branie schoppende garageband steeds meer op naar een band met soul, met onder andere Arno Landsbergen op toetsen. Gitarist Daan Koch (Anker Studio, The Goods) verliet op dat moment de band. Dennis vertelde me dat ze daarom per direct een nieuwe gitarist zochten die meteen mee op tour kon door Noord-Amerika! Ik kon geen ‘nee’ meer zeggen. In 2006 kwam ik bij The Spades, 21 jaar oud en ik toerde door Amerika en Canada met een supercoole rock-‘n-roll band.”
Het cirkeltje rond
Aan alles is te merken dat Blommers dit verhaal vaker heeft verteld en zijn woorden zorgvuldig kiest. Het is voor de muzikant/producer duidelijk een life changing moment. De muzikale ontwikkeling die Blommers doormaakt op gitaar, bas en in de studio gaat vanaf dat moment als een speer. Met en zonder Grotenhuis als muzikale partner.
“Een ander belangrijk moment in mijn carrière vond plaats in het ouderlijk huis in Someren. Ik was een jaar of 16 en zat met grote regelmaat op mijn kleine Marshall versterkertje te jammen. Op dat moment was ik groot fan van de Eindhovense sleaze rockers 7Zuma7 en toen een KPN-monteur hoorde dat ik hun riffs aan het oefenen was, vroeg hij: ‘Ken je dan toevallig ook Candybar Planet? Dat is ook een toffe Eindhovense stonerband!’ Ik moest eerlijk bekennen dat dat niet het geval was, maar kocht natuurlijk meteen hun debuutplaat 32 Bitch, met een wulpse foto van Bettie Page op de cover. Daarna leerde ik de Eindhoven Rockcity scene pas echt goed kennen. Peter Pan Speedrock en noem ze allemaal maar op… De cirkel was rond toen ik in 2013 zelf Timelapse, het tweede album van Candybar Planet, opnam. Dat was een grote eer.”

“Soms weet je ook niet meer met welke serie je moet beginnen op Netflix, toch?”
Blommers neemt bands op uit heel het land zoals bijvoorbeeld The Vices, Traumahelikopter en Afterpartees, maar hoe is die lokale scene vandaag de dag? Hij zit ook daar middenin met de studio, de bands waarin hij speelt en als docent aan het RCI.
“Eindhoven Rockcity was echt een Eindhovens exportproduct met een bepaalde sound en iedereen kende elkaar. Nu is het allemaal veel meer versplinterd en breder qua muziek. Komt natuurlijk ook omdat de huidige generatie muzikanten met Spotify is opgegroeid, je kunt werkelijk alles en iedereen beluisteren. Dat was vroeger anders. Je koos voor een bepaalde stroming die paste bij je identiteit en je kreeg albumtips van vrienden en bekenden. Nu kun je online alles kiezen, maar dat heeft ook een keerzijde vind ik. Soms weet je ook niet meer met welke serie je moet beginnen op Netflix, toch? Veel te veel keus, haha.”

Herkenbaar! Maar hoe vertaalt hij dat naar zijn studenten? Want die zijn natuurlijk wel zo opgegroeid, met veel te veel keus. “Absoluut, daarom begin ik de eerste les ook nooit meteen met muziek maken. Ik laat ze eerst Spotify-lijstjes maken en dan gaan we daar samen naar luisteren. Waar zitten de overeenkomsten? Welke inspiratie kunnen we eruit halen? Daarna volgt een plan en dan pas komen de instrumenten tevoorschijn. Ik begin overigens nooit over ‘die goede oude tijd’ hoor. Daar hebben die kids totaal geen boodschap aan.”
‘Muziek maken is een lifestyle die veel tijd kost’
Vanuit zijn studio geeft Blommers zijn studenten bandcoaching en het vak audio recording. Ideaal om alles onder één dak te hebben? “Geweldig, ik deed het eerst freelance maar ben nu twee dagen in dienst. De rest van de tijd vul ik mijn dagen met het opnemen van bands en spelen met PAUW waar ik in bas - en die ik natuurlijk ook heb opgenomen. Er volgt binnenkort ook weer een tour en EP opnames met Anneke van Giersbergen.”
Een volle agenda dus! Maar wat is Blommers nou; muzikant, studio-technicus of leraar? “Alle drie! En vader! Maar als ik er eentje zou moeten kiezen en er rond van kon komen, dan zou ik het liefst altijd op een podium staan en muziek maken. Overigens heet mijn vaderschap nu éigenlijk ‘co-parenting’, want het huwelijk met mijn vrouw heeft geen stand gehouden. Gelukkig zijn we goed uit elkaar gegaan zonder ruzie en gaan de meiden er weinig van merken, maar ik durf zeker te zeggen dat mijn werk een rol heeft gespeeld in de scheiding. Muziek maken, een studio runnen, het is echt een lifestyle en die kost heel veel tijd en aandacht.”
“Roel heeft ons creatief veel verder gebracht. Ik heb nu zelfs dezelfde type Fender uit hetzelfde jaar als die van Roel. En oh ja: hij had daar ook een versterker staan die ik zo goed vond klinken, dat ik die nu ook heb gekocht.”
Geen computers, geen plugins
Terug naar de studio; waar is de producer momenteel mee bezig? “Afgelopen jaar heb ik ‘Feeding the Rats’, het nieuwe album van Stuurbaard Bakkebaard opgenomen, dat is recentelijk uitgekomen. Maar, je hebt ‘m waarschijnlijk al gezien, er staat een enorme taperecorder naast de bank. Ik werk normaal gesproken bijna of helemaal digitaal maar Gijs de Jong van de band Mooon heeft een nieuw project genaamd Plastic Family en hij wilde het helemaal op tape opnemen. Supervet.”

Naast de bank staat inderdaad een koelkastachtig apparaat met daarop twee hele dikke spoelen, als een log fossiel uit vervlogen tijden, maar wel eentje met mojo als je Blommers mag geloven. De vette analoge klank van tape eist echter z’n tol: “De machine weegt zo’n 200 kilo, we hebben ‘m met een man of zes uit een busje moeten trekken. Niet te doen, zo lomp! Enkele jaren terug nam ik de mengtafel van producer Pieter Kloos over en die paste toevallig perfect op die taperecorder. We houden het helemaal puur, dus we mixen het album vanaf tape. Geen computers, geen plugins!”
De magie van compressie
De studio van Blommers, een live ruimte, opname ruimte en tussengang, staat ramvol met gear. Gitaren, effectmodules, een mengtafel, vintage drumstel, elektrische piano’s en orgels; genoeg om een album of honderd mee in te spelen. Een waar walhalla voor muzikanten en recording engineers, waar hij al tien jaar zit.
“Het toeval wil dat Mozes and the Firstborn in 2016 hun tweede album ging opnemen in de POPEI studio, het stond hier toen al even leeg. Er gebeurde niks. Toen heeft Raven, de drummer, geregeld dat we hier die plaat konden doen. Na afloop zei hij tegen me: ‘Bel gewoon even met POPEI Roel, volgens mij kun je er zo intrekken.’ Zo gezegd, zo gedaan en nu zit ik hier alweer tien jaar.”
Als we even nerdy worden en inzoomen op studiotechniek dan is er een bijna magisch apparaat waar studiomensen het altijd over hebben en de rest van de wereld eigenlijk nooit: compressors. “Ik zeg wel eens tegen studenten, en dan probeer ik het eigenlijk niet technisch uit te leggen, dat het is alsof er een verveelde oude ‘boomer’ achter het drumstel zit. En dan zet je de compressor aan en dan zit daar opeens Taylor Hawkins (ex-drummer Foo Fighters, red). Veel dichterbij, veel groter en steviger en met meer smoel. Dat is voor mij de magie van compressie.”
Met alles wat Blommers al heeft gedaan en nog op stapel heeft, kan hij al behoorlijk wat afvinken. Maar met wie hij nog graag een keer zou opnemen? “Oeh, dat vind ik erg lastig, want ik denk daar dus nooit over na. Oh, maar wat me ontzettend vet lijkt is als ik een keer zo’n echte ‘old school’ soul band zou kunnen produceren, je weet wel met blazers en gewoon muzikanten die allemaal ontzettend goed zijn. Zoals de platen die op het Amerikaanse Daptone label verschijnen en die daar in de eigen studio gemaakt worden. Zoiets lijkt me vet!”




